Nederlands (NL)  German (DE)
Nummer:kla1102 Datum:19 mei 1567 Overlevering:Origineel Vindplaats:Kloosterarch., inv.nr. 313, reg. 1102

Johan van Ewszum schrijft aan Bernhardus van Buntlage, commandeur van Witwartt, en vraagt hem of een paard van hem door een van de commandeur gedekt kan worden.

Bron Recto Dorso Vertaling Relatie Zegels Materiaal Literatuur Index N.B.
Werdige und andechtige her Comptuir, guthgunstige frundt
vor Juu werden gut willicheit in underholdinge de bestembte
tidt mijne moer perden dancke ick dersulven gunstigliken
wol solchs tho verschulden gut willich befunden werden
Die wile het mij over nicht so vele om de wede, als dat dair
ein guth hengst bij gedaen worde, tho doende is, so hebben Ick mijn
bouknecht an etlike van mijnen Meiers und andere ge-
schicket, om sodanen pert dar bij tho krigen, frundtlich
van Juu werden begerende, so het mochte geraeken einen
tho krigen Juu w. willen hem ein XIIII dagen mit den
moer perden In der weide gaen laeten, ten ende, dat
welcke ick gants gerne fehe, sie darmet mogen bespron-
gen werden Dessen und mehr goedes verlaeten Ick
my also ganslick mit bevellinge van Gott almechtich
Datum Roden den XIX Maij Anno etc. LXVII
[ondert.:] Johan van Ewszum R(?) thr
Juu w groetgonstygh
Recto:
Dorso:
x
x
Archief Groninger Archieven
Fonds Kloosterarch.
Toegangsnummer 172
Inventarisnr. 313
Regestnr. 1102
Olim Arch. Klooster Wijtwerd, inv.nr. 26, reg. 159. Reg. Feith 1567.65.
Jaar 1567
Datumcode 1905
x
x
x
Commentaar Met sluitzegel
x
Materiaal papier