| help | sitemap | log
 
spacer
logo
  U bevindt zich hier : Home arrow Search




Search
Het stadsrecht van Coevorden Afdrukken

Drents Archief, Arch. Stad Coevorden, inv.nr. 74, 30 dec. 1407Oorkonde onder de loep
Drents Archief, Arch. Stad Coevorden, inv.nr. 74, 30 dec. 1407 (coe0074)
In deze oorkonde wordt aan de stad Coevorden een aantal rechten verleend door haar landsheer, de bisschop van Utrecht. De stad moet deze rechten al eerder verkregen hebben, maar de oorkonde die daarvan opgemaakt was, is vóór 1407 verloren gegaan. Tekst van de oorkonde ...

Het zegel van Frederik van Blankenheim, bisschop van Utrecht, aan de stadsrechtverlening.De bisschop
Tot 1528 viel Drenthe niet alleen in geestelijk opzicht onder de bisschop van Utrecht. Hij was tot dat jaar ook de wereldlijke landsheer. Vandaar dat de stadsrechtverlening van 1407 van hem uitging. De heerschappij van de bisschop was overigens niet onomstreden: voortdurend probeerden lokale adellijke heren macht naar zich toe te trekken. Zo had de bisschop pas in 1395, na een lange strijd, een einde weten te maken aan de aspiraties van de heren van Coevorden en zo de stad weer onder zijn gezag gebracht.
Ondanks dat Reinoud van Coevorden in 1402 formeel afstand deed van zijn aanspraken op de stad, was de politieke situatie nog lang instabiel. Het was dan ook voor de, in het verre Utrecht residerende, bisschop van belang om de stedelingen zelf aan zich te binden. Dat vergrootte de kans dat de stad hem trouw zou blijven, mocht de strijd weer oplaaien. In dat licht kan ook het stadsrecht van 1407 beschouwd worden.

Het kasteel te Coevorden voor de restauratie.Erkenning of verlening
De oorkonde is te beschouwen als een verlening van stadrecht, hoewel dat woord er niet in voorkomt. Als we de oorkonde nauwkeurig lezen, dan blijkt dat heel voorzichtig geformuleerd te worden. De bisschop van Utrecht verklaart dat hij uit getuigenissen van de Coevordenaren begrepen heeft dat zij vanouds 'alsulke vrijheit, recht ende privelegyen gehad hebben' die verder worden uitgewerkt.
Vanwege de trouwe dienst die de stad hem betoond heeft, verleent hij die rechten in deze oorkonde opnieuw. Hij zegt noch ontkent dat die rechten ook daadwerkelijk door zijn voorgangers zijn verleend. Als later namelijk zou blijken dat het de heren van Coevorden waren die die rechten verleend hadden, zou hij door een erkenning van die rechten impliciet hun vroegere gezag over de stad erkennen.

Een middeleeuwse stad. Detail van een schoolplaat.Stadsrechten
Een stadsrecht is een belangrijk kenmerk van een stad, hoewel het niet het enige criterium is. Veel oude steden hebben nooit een formeel stadsrecht ontvangen. Zo heeft de stad Groningen, die ook onder de bisschop van Utrecht viel, nooit formeel stadsrechten gekregen. Dergelijke steden hebben vaak al sinds mensenheugenis eigen bestuur en rechtspraak en een stedelijk voorkomen. Niemand twijfelde er ooit aan dat dergelijke plaatsen een stad waren. Veel mensen denken dat een stadsrecht noodzakelijk is om je stad te kunnen noemen, maar dat is dus niet het geval.

Het zegel van Coevorden aan een 16de-eeuwse oorkonde.De rechten
De rechten die in de oorkonde bevestigd worden, lijken teleurstellend summier. Het gaat bijvoorbeeld om zaken die met doodslag en ernstige verwonding te maken hebben, zaken die vanouds aan de landsheer toekomen en daarom onder het gezag van de drost, diens ambtenaar, blijven. De lagere rechtspraak wordt aan de stad overgelaten. Verder wordt aan het stadsbestuur, de schepenen, het recht erkend om zelf verordeningen uit te vaardigen op het terrein van de openbare orde en andere publieke zaken. Zo mag het stadsbestuur zelf de 'broytwage ende byermate' vaststellen, dat wil zeggen het gewicht van het brood en de maat waarmee bier getapt wordt. Verder 'wanneer dat die borgers gaen totten meynen wercke die boeten sal die stat berichten': als de burgers verplicht zijn bij te dragen tot werken van algemeen nut, zoals het onderhoud van de grachten en wallen, dan mag de stad de boete voor de nalatigen vaststellen.

Coevorden en omgeving op de kaart van Jacob van Deventer, ca. 1555.Stad en platteland
Met deze rechten wordt erkend dat Coevorden los staat van het omliggende platteland en eigen bevoegdheden heeft. Dat maakt de akte voor de geschiedenis van de stad zo belangrijk. De lokale bevoegdheid van het bestuur wordt erkend en voor bepaalde misdaden worden de stedelingen voor een eigen gerecht gedaagd. Dat onderscheidt Coevorden van de omliggende dorpen. Het belang van de oorkonde blijkt ook uit de lijst van getuigen, onder wie we enkele belangrijke geestelijken en bisschoppelijke ambtenaren tegenkomen.

Een andere bekende Sylvester.Datering
De akte is opgemaakt op Silvesteravond. Met 'avond' is niet de avond van een feestdag bedoeld, maar de dag ervoor, net als wij Sinterklaasavond op 5 december vieren en de Engelsen van New Year's Eve spreken als zij 31 december bedoelen. Silvesteravond is dus 30 december, de dag vóór 31 december.
Sint Silvester was in de Middeleeuwen een bekende heilige. Iedereen wist wanneer het zijn feestdag was. Hij was paus van 314 tot 335. Onder zijn pontificaat werd keizer Constantijn de Grote christen, wat een belangrijke basis was voor de verspreiding van het christendom in Europa.

1407 of 1408?Jaartal
Opvallender is het jaartal. De oorkonde is gedateerd op 1408, maar dit was in feite 1407. Lang niet overal liet men in de Middeleeuwen het nieuwe jaar ingaan op 1 januari. Zo kennen we naast deze zogenaamde nieuwjaarsstijl ook de Kerststijl, de Boodschapstijl, de Paasstijl en de Meistijl, waarbij men naar het volgende jaar overging op 25 december, 25 maart, Pasen of op 1 mei. De bisschoppen van Utrecht hanteerden lange tijd de Kerststijl. Op 24 december 1407 volgde dan 25 december 1408! Vandaar dat deze oorkonde volgens onze jaarrekening op 30 december 1407 werd opgemaakt.

Drents Archief, Arch. Stad Coevorden, inv.nr. 74, 30 dec. 1407De tekst van de oorkonde
Frederic van Blanckenheim, bi der genaden Goits bisscop to Utrecht, maken kond allen luden dat ons mit seekere konden aengecomen ende bijgebracht is van onsen vrienden ende van onsen lieven borgeren ende ondersaten onser stat van Coevorden dat die selve onse borgere ende ondersaten bynnen onser stat van Coevorden van oldes alsulke vrijheit, recht ende privelegyen g[eha]dt hebben als hier na bescreven staen, daer sij hoere brieve, die sij daerop gehadt hebben, verloren hebben.
  1. In den iersten wie den anderen bynnen onser stat van Coevorden doit sleyt, dat is lijff omme lijff off des heren genade.
  2. Item wie den anderen daerbynnen wondet ledes dyep, dat is die hant daer dat mede gedaen is off des heren genade.
  3. I[te]m wie den anderen daer bynnen wondet dat gheens ledes diep en is, dat is drie pont.
    Dese voers. drie punten ende broeken sal die drossate berichten van onser wegen.
  4. Item yemant den anderen sloege myt staeken off mit anderen dingen ende niet en wonde, dat waer twe pont tot onser voers. stat behoeff.
  5. Item off yemant den anderen sloege mit vuysten off een messe toege offte lochende, die breke een pont der stat.
  6. Item off yemant daerbynnen wapengerucht makede, die breke vijff pont der stat.
  7. Item wie scheldewoirde hedde, breke een pont der stat.

  8. Voert so sullen die scepene die waeke besetten bij des amptmans rade na dien dat dat gelegen is ende die broken daervan mede, mer die broken soelen wesen ter stat behoeff.
  9. Item so moegen die scepene die broytwage ende byermate setten bij des drossaten rade ende die broeken soelen wesen ter stat behoef.
  10. Item so moegen die scepen die marcke besetten bij des drossaten rade ende die broeken ter stat behoeff.
  11. Item wanneer dat die borgers gaen totten meynen wercke die boeten sal die stat beric[hten].
  12. Voert enighe redelike bode die die scepenboden bij der drossaten rade bij eene boette die breecket, die sal die Stat berichten.
  13. Item weer 't dat die scepene in deser saken enich d[rijfach]tich lieten ende niet en berichten b[yn]nen achte dagen daerna, dat hem die amptman des vermaende, so solde dat tot der tijt onse drossate berichten.
Ende want wij Frederic, b[issco]p to Utrecht voerg. aengesien hebben ende aensien menigen truwen dienst den uns onse lieve getruwen borgers ende ondersaten bynnen onser stat van Coevorden gedaen hebben [e]n[de] off Got wil hernamails meer doen sullen,
ende mede aensien swaren last ende arbeyt den onse borgers ende ondersaten van Coevorden voers. hebben, die wege die daertoe gaen te [ma]ken,
so hebben wij voer ons ende voer onse nacomelingen bisscopen to Utrecht dese voers. punten voer een recht ende voer hoer privilegyen ende vrijheit der selver onser stat [van] Coevorden gegeven,
gevest ende confirmiert, geven, vesten ende confirmeren tot eweliken dagen toe vast ende stede te blijven beholdelic den selven onsen borgeren van Covorden off sij [eni]ge ander olde privilegyen ende vrijheiden van ons ende van onsen gesticht hedden die in desen brieff niet begrepen staen, dat die mit desen brieve niet gekrencket mer gevestiget sullen wesen in hore volcomenre macht ewelick te blijven.
Sonder argelist.

Ende hebben des tot enen orkonde vur uns ende voer onse nacome- lingen bisscopen to Utrecht onse segele mit onser rechter wetentheit doen hangen.

Gegeven tot Vollenho daer over ende an waren onse vriende ende lieve getruwen van onsen rade die eerberen her Willem van Renen, proist onser kercken tot Embric,
onse vicarius, her Godert, deken ons[er] kercken sent Johan to Utrecht,
Rutger van Doernic, onse hoiffmeister,
Johan van Buchorst, onse drossate onser lande van Coevorden ende van Drenthe,
Steven van Roir, onse [hue]smaerscalc,
Herman Stail,
Coenman van Furbach,
Ghyssbert van Loe, onse kokemeister,
Wilhem van Wye, onse secretarius,
ende anders goeder lude gnoech.

Gegeven in 't jaer ons heren dusent vierhondert ende acht, op sente Silvesters avont.
Scriptum per me Wilhelmum de Wye, secretarium domini Traiectensis, de ipsius mandato speciali.
Project afgesloten: 34.000 akten on line! Afdrukken
Het project Digitaal oorkondeboek Groningen en Drenthe is op zaterdag 17 november afgesloten met een symposium in de Groninger Archieven. Tijdens het symposium werden korte inleidingen gegeven over het project en verschillende aspecten van de Cartago en werden de mogelijkheden van de site onderzocht.
Lees verder...
Een Friese inventaris in Groningen Afdrukken

Groninger Archieven, Familiearch. Van Ewsum, inv.nr. 462, reg. 18, 1397Oorkonde van de maand
Groninger Archieven, Familiearch. Van Ewsum, inv.nr. 462, reg. 18, 1397 (fae018); gedrukt: Oorkondenboek van Groningen en Drente, nr. 948 (ogd0948).

Deze 'oorkonde' betreft een akte van aanbreng van een aantal roerende goederen van Peye Eelkama alias Alardisma, zoals: vee, geld, verschillend beddengoed, kleding en kledingversierselen, een lap stof en een aantal koperen potten. Een aantal stukken is getaxeerd, een aantal niet. De goederen zijn bij haar tweede huwelijk aangebracht. De inventaris is ingeleverd bij Ellardus, proost van Usquert en pastoor van Middelstum, in welke laatste plaats de aanbrengster Peye Aylirdisma destijds woonde. Een aantal zaken heeft ze af moeten staan, een aantal teruggekregen, al dan niet in geld. De waarde is uitgedrukt in schilden, een destijds gebruikelijke gouden munt. Tekst van de oorkonde ...

Zandeweer en omgeving.Peye
Peye is vermoedelijk geboren op de Eelkemaheerd te Zandeweer. Ze leefde in de 14de eeuw in Hunsingo en Fivelgo, en had familiebanden met diverse hoofdelingen aldaar. Ze was een dochter van Abel Eelkama, die mogelijk hoofdeling te Zandeweer was. Wellicht heeft ze ook nog in Garsthuizen gewoond. Peye is eerst gehuwd geweest met een zekere Ailt/Eilt/Eilert (Aylardus) met wie zij in Farmsum woonde. Na diens dood trouwde ze met Meynko Bernama met wie ze in Holwierde en Middelstum woonde. Meynko stierf waarschijnlijk tussen 1392 en 1397. Na Meynko's overlijden woonde Peye als weduwe in Middelstum. Ze zal gestorven zijn in of voor 1397 en als haar laatste wens is uitgevoerd begraven in het vrouwenklooster Feldwerd/Oldenklooster te Holwierde.

Een aantrekkelijke dame.Peye -ma?
Tot enkele eeuwen geleden waren achternamen in Nederland niet gebruikelijk. Omdat alleen een voornaam voor de herkenning van de persoon vaak niet voldoende was, kwam er een toevoeging die aangaf wie precies bedoeld werd. Deze toevoeging varieerde van regio tot regio. Vaak werd het zogenaamde patroniem toegepast, een aanduiding die op de naam van de vader was gebaseerd. Jan, de zoon van Willem, werd dan Jan Willems. Soms werd de naam van de boerderij/plaats waar men woonde gebruikt, of een aanduiding van een eigenaardigheid of het beroep van de persoon. In Noord-Nederland waren in de 17de en 18de eeuw vaste erfelijke familienamen buiten de steden echter een zeldzaamheid. Bovendien was de overerving van familienamen onregelmatig: in het algemeen kreeg men de familienaam van de vader, maar soms ook die van de moeder of een van de grootouders. Ook kwam het voor dat na een aantal geslachten de familienaam werd gewijzigd of verdween. In de late middeleeuwen treffen we wel vaak toenamen aan, die de vorm van achternamen hebben maar minder constant zijn. Peye heeft diverse achternamen gevoerd: als dochter van Abel Eelkema kon ze het patroniem Ablama gebruiken, zoals in haar testament (ogd0630) staat of de toenaam van haar vader: Eelkema. Maar ook de toenaam van haar tweede man, Bernama (ogd0836), duikt op, zoals ook tegenwoordig nog vrouwen naar hun echtgenoot heten. Ten slotte wordt zij ook wel aangeduid naar een genitief van de voornaam van haar eerste man: Aylardisma(?). Met de variant Alardisma treffen wij haar aan in de hier behandelde akte, ook al is ze dan al gehuwd met haar tweede man. Het gaat hier dan echter ook om goederen uit haar eerste huwelijk.

Een steenhuis (tekening: Jouke Nijman).De Eelkamaheerd
Aan het eind van de 14e eeuw wordt te Zandeweer melding gemaakt van een castrum (steenhuis) op Elecamaheerd, die waarschijnlijk eigendom van Peye was (of wat zij als zodanig beschouwde), tijdens haar eerste huwelijk (ogd0949) en (ogd0952). Zij verhuurt de Eelkamaheerd voor lange tijd, o.a. aan Focco Swarte Necke en zijn vrouw Dotha (ogd0950). Ook wordt Nycolphus als huurder vermeld (ogd0951). Tenslotte waren er twee huurders gelijktijdig: Ypo, die het grote heem huurde, en Abel Clinter die huurder was van het steenhuis en het kleine heem (ogd0954). Daarna horen we niets meer van dit steenhuis en is ook de naam Eelkamaheerd verdwenen. Wel vermeldt het clauwboek van Zandeweer onder de edele heerden van Zandeweer de naam Swarte Neckshuis. Er zou een verband gelegd kunnen worden tussen de Eelkamaheerd en dit Swarte Neckshuis. Van het laatste is de naam echter ook in onbruik geraakt.

Een middeleeuws interieur.De inventaris
Er waren van Peyes eerste huwelijk geen huwelijksvoorwaarden gemaakt, dus was het van belang te weten wat ze precies bezat. Van haar tweede huwelijk zijn wel huwelijksvoorwaarden gemaakt. Het vermoeden bestaat dat Peye geen broers heeft gehad, en geen kinderen. Na de dood van Meynko heeft zij haar roerende goederen aangebracht aan de plebaan van Middelstum, Ellardus. Zo krijgen we een aardig beeld van Peyes bezit: vee, 8 donsbedden, 13 kussens, 2 dekens, een waardevolle omslagdoek, 2 kostbare bag pelan onte clan (waarschijnlijk accessoires behorende bij een bepaald type kledij), 2 gouden ringen, 2 kapmutsen, een gouden bloem met takken (ook een kledingitem), zilveren bedegan, een zilveren snoer, een gordel, 16 el geweven stof, flink wat geld, en 3 koperen potten. De totale waarde van de getaxeerde aanbreng wordt gerekend op 143 schilden. Ze heeft echter niet alles kunnen behouden; sommige goederen zijn haar ontvallen, andere zijn vergoed in geld.

De Friese landen in de middeleeuwen.De taal van de oorkonde
Hunsingo en Fivelgo behoorden in de middeleeuwen tot de zogenaame Friese zeelanden, en waren Friestalig. De overlevering van het geschreven Oudfries begint laat, zo vanaf de 13de eeuw, en dan vrijwel uitsluitend in rechtsteksten. Peye stelde de aanbreng van haar roerende goederen op in deze taal, haar moedertaal. Ellardus, plebaan van Middelstum, voorzag de Oudfriese opgaaf van een ambtelijke verklaring in het Latijn. Van een aantal goederen is geen duidelijke omschrijving te geven, zoals bag pelan onte clan en bedegan (mogelijk: kraaltjes). Verscheidene geleerden hebben zich hier tot recentelijk toe over gebogen, zonder tot een bevredigende uitleg te komen. Deze bijzondere akte geeft inzicht in het Fries zoals dat in de 14de eeuw in Hunsingo gebruikt werd.

Een schrijvende heilige monnik.Ellardus...
De man die de akte opstelde, was plebaan van Middelstum en proost van Usquert. In de Rooms-katholieke kerk is een plebaan een grote titel, maar in dit geval is bedoeld is een geestelijke die de zielzorg van het gewone volk, het plebs, verzorgt, ofwel de pastoor. Een proost is iemand die de leiding had over een proosdij. Een proosdij is een onderverdeling van een aartsdiaconaat. De proosdij Usquert viel onder het aartsdiaconaat Frisia, waarvan de aartsdiaken tevens kanunnik van de Munsterse Dom was. De proosdijen waren belast met de geestelijke rechtspraak en het toezicht op het beheer van kerkengoederen. Ellardus trad dus op als zowel pastoor van Peye en opmaker van haar aanbreng van roerende goederen.

Het zegel van proost Ellardus.Het zegel
Het zegel op Peyes akte is het zegel van de proost van Usquert. Het is een zegel van groene was, met een afbeelding van een schild met sleutel en zwaard omgeven door een decoratieve omlijsting bestaande uit een gecombineerde vijfpas en vierpas. Het zegel heeft als randschrift: S. EILARDI PPOSITI IN VSQVARTH. Het wapen met gekruiste sleutel en zwaard is het wapen van de proosdij van Usquert. Het verwijst naar het patrocinium van de heiligen Petrus (sleutel) en Paulus (zwaard). De kerk van Usquert is gewijd aan Petrus en Paulus, net de dom van Munster. Het is opvallend is dat drie van de zes oudste kerken in Groningen ook Petrus (al dan niet samen met Paulus) als patrocinium hebben: Leens, Usquert en Loppersum. Het zegel is niet met een zegelstaart aan het stuk bevestigd, maar in het papier gedrukt. Het aardige is dat de tekst om het zegel heen is geschreven (het derde pootje van de letter ‘m’ van het woord veram loopt met een naar links buigend boogje om het zegel heen, i.p.v. recht omlaag, zoals bij andere woorden op dezelfde regel. Dit duidt erop dat het zegel eerder moet zijn aangebracht dan de tekst direct daarboven. De inkt van deze tekst oogt ook donkerder dan die van de overige tekst.

Usquert.Usquert
Usquert is een dorp in de gemeente Eemsmond, gelegen ten noorden van de stad Groningen. Het dorp is in de 9de eeuw ontstaan als een radiair wierdedorp, Van oorsprong was het een landbouwnederzetting, hoewel het in later tijden ook als vissersdorp dienst deed. Bij Usquert stond een Johannietercommanderij, voor het eerst vermeld in 1304. De huidige hervormde kerk is in de 11de of 12de eeuw gebouwd als romaanse tufstenen kerk, gewijd aan de apostelen Petrus en Paulus (zie boven). De zendeling Liudger trof hier in de 8de eeuw al een christelijk bedehuis aan. De naam (en schrijfwijze er van) van het dorp doet menig wenkbrauw fronsen. De meest gehoorde interpretatie is dat het een verbastering van Uskes wierde zou zijn, maar andere interpretaties zijn ook mogelijk. In de 9de eeuw wordt het dorp in de levensbeschrijving van Liudger Uuyscuuyrd en Wiscwirt genoemd, in een 10de-eeuwse goederenlijst uit het klooster Fulda Vixvurt. Het huidige Gronings spreekt van Oskerd. De spelling Uskwert of Uskwerd kwam ook voor.

Groninger Archieven, Familiearch. Van Ewsum, inv.nr. 462, reg. 18, 1397De tekst van de oorkonde
Peye heth brocht to Meynka inda sketta were xxxviii skelda. Item viii fether bed,
xiii pelan, ii wreygenga, i reye for xxiiii skilda. Item ii bag pelan onte clan for xxxx skild,
ii guldene rengan, ii huwa, i bloma fon gulde mith tagum, seluerene bedegan and
selueren snor et i gerdel. Item xxvi elna hreyles. Item xxiiii skelda in tha hretha jelde.
Item xvii skeldan in hretha jelda. Item iii eerne pottan. Item hebbath Mynka and hio,
Peie, makad en fowerd, thet thi ther sterth skel ovrum hreka xl skelda.
Inda theze paymente skelma hreka bitalia ende hreknia xxx flemesk for anen skeld.
Hirfon heth hio biifen ende bihalden thene bloma ende tha tagan ende tha bedegan ende tha
ii guldene hrengan. Item tha ena hvwa. Item iiii fetherbed viii scut.
Item v pelan. Item vii skildan inda onte clanvm. Item i litteken biar pot.
En howa mitshio, tha hrekinath hio for vi scyldan and thene gerdel for xviii schildan,
tha snor for tyan skeldan, thet hreyl for v skelde, tha ii potan ther ze myst for iii scheldan.
Summa v stigen scutorum et xxxvj scuta pro Peia absque donacionibus illorum xl scutorum.
.+. Universis Christi fidelibus presencia visuris seu audituris, ego Ellardus, prepositus in Usquarth et plebanus plebanie in Myddelstum,
cupio esse notum, quod Peya Alardisma, pie recordacionis, quondam mea parochyana tempore quo in parochya
mea morabatur, sana mente et corpore, supra scriptam coram me fecit computacionem et protestata fuit
in sua consciencia illam fuisse et esse veram et legitimam atque justam, quod sigilli mei impressione presentibus protestor.

(transcriptie met dank aan drs. A. Popkema)
Drie oorkondeboeken in Cartago Afdrukken
In Cartago worden niet alleen originele bronnen gepubliceerd. Ook oudere uitgaven van akten van vóór 1600 zijn er te vinden. Zo zijn de akten in de drie oorkondeboeken van Groningen en Drenthe, Oost-Friesland en Friesland nu ook on line beschikbaar. Alle akten in het Oorkondenboek van Groningen en Drente (1896-1899), het Ostfriesisches Urkundenbuch (1878-1881) en het Groot placaat en charter-boek van Vriesland (1768-1793) zijn te vinden onder de knop Edities. Van de eerste twee boeken is ook een naamindex opgenomen.
Fries Kampioenschap Paleografie Afdrukken
Op 5 november jl. werd in het Tresoar te Leeuwarden het ‘Eerste Open Fries Kampioenschap Paleografie’ gehouden. Winnaar werd Bram Schuilenga, die drie jaar lang als medewerker van het Digitaal Oorkondeboek Groningen en Drenthe duizenden stukken door zijn handen heeft laten gaan. Tegenwoordig is hij nog steeds als correspondent aan het project verbonden. Ook de winnaars van de tweede en derde prijs, Ruut Wegman en Menne Glas, zijn overigens correspondenten van het DOGD. Wij feliciteren de winnaars van harte en zijn blij dat wij onder de correspondenten van het oorkondeboek zulke beproefde deskundigen mogen tellen!
<< Start < Vorige 1 2 3 Volgende > Einde >>

Resultaten 1 - 9 van 20


-Naar boven-
spacer